Lezen met Goesting blijft uitkijken naar parels van eigen bodem: van debutanten die meteen raak schrijven tot gevestigde namen die zichzelf opnieuw uitvinden. Zo zetten we graag bijzondere boeken die recent verschenen zijn in de schijnwerpers, maar halen we ook oudere toppers terug boven in tiplijsten rond bepaalde thema's of voor specifieke doelgroepen zodat jullie kunnen blijven lezen en genieten. Ook genomineerde of prijswinnende boeken van Vlaamse makers zetten we hier graag nog extra in de kijker (bij sommige boeken is enkel de auteur of de illustrator Vlaming, dan vermelden we dat).
download poster nieuwe toppers
bekroond boek
audioboek in Luisterpuntbibliotheek
in de klas
bekroond boek · audioboek in Luisterpuntbibliotheek · in de klas

Mop bezorgt elke dag brieven, kaarten en pakjes.
De leukste post is liefjespost.
Van liefjesbrieven word je blozend blij.
Makkelijk om te schrijven zijn ze wel niet, die liefjesbrieven. Miep wil dat haar brief echt perfect is, maar daardoor is ze nét te laat bij de postbus. Ze holt de postwagen achterna, maar zonder succes. Onderweg levert Mop andere liefjesbrieven af. En alle ontvangers zijn daar zo blozend blij van, dat ze Miep graag willen helpen om haar brief toch nog in de postwagen te leggen. Zou het toch lukken?
De herhalingsstructuur van dit lieve verhaal maakt het prentenboek heel aantrekkelijk voor kleuters om in mee te gaan: een kettingverhaal waarbij steeds meer dieren Miep helpen. Je wil als lezer uit alle macht meehelpen om die brief afgeleverd te krijgen, want je hebt al wel zo'n vermoeden voor wie die brief is. Wanneer Miep lijkt op te geven, wil je haar persoonlijk een zetje geven om toch door te gaan. Het blijft heel het boek door lekker spannend!
Het zijn de vooral de illustraties die het boek helemaal fantastisch maken. Frank Daenen tekent met veel fantasie de verschillende dieren, hun huis en hun voertuigen. Je kijkt je de ogen uit bij de badeendjes die door de tuin van kikker zwemmen of de graafmachine van mol die de beladen postwagen vol kleurige pakjes in allerlei vormen probeert in te halen. De fleurige illustraties zijn heel gedetailleerd en dieren zo schattig dat je ze zo in je hart sluit.
Frank Daenen (1977) is een zeer geliefde illustrator. Zijn rijke, gedetailleerde tekeningen zijn telkens weer een lust voor het oog. Verschillende auteurs werken graag met hem samen, denk maar aan Siska Goeminne (we namen 'Boze juffen, blije juffen' al op in onze smaakmakerslijst), Stijn Moekaars en Milla Shan. Met 'Liefjespost', en eerder ook met het gevoelige prentenboek 'Warme melk met honing' bewijst Frank Daenen dat hij ook kan schrijven. Met zorgvuldig gekozen woorden weet hij telkens de juiste emoties over te brengen, die door de illustraties nog extra versterkt worden.
Geschikt voor K2, K3
Minimumdoelen

Woorden doen ertoe: welke woorden je gebruikt, hoe je ze zegt, wie ze zegt. Koester mooie woorden en draag er zorg voor, gun de sombere wat extra zon, en misschien help je er ook anderen mee op weg om een bijzonder woord niet te vergeten.
Pablo heeft een woordenziekenhuis.
Zijn hele kamer staat vol mini-bedjes.
Onder elk dekentje ligt een woord
dat hij dringend moet verzorgen.
Dokter Pablo verzamelt alle woorden zelf.
Hij spitst zijn oren bij ieder woord dat hapert,
dat plots gemeen klinkt
of dat niemand nog begrijpt.
Dit vertederende prentenboek en het wondermooie concept van een woordenziekenhuis lijken de essentie van het oeuvre van Jef Aerts samen te vatten: in zijn boeken is elk woord steeds zorgvuldig gekozen en staat het precies op de juiste plaats. Met een grote mildheid weet hij moeilijke thema's, in dit boek ouders die niet meer lief voor elkaar zijn, op kindermaat te brengen. De poëtische en zachte verwoording worden geflankeerd door sterke sfeerbeelden van de Nederlandse Hanneke Siemensma: vaak wat somber en bedrukt zoals Pablo zich voelt, maar tevens met diezelfde zachtheid en zorg erin. Alle teamleden van Lezen met Goesting waren meteen verliefd op dit originele prentenboek dat alweer prachtig en gevoelig is neergeschreven.
Jef Aerts (1972) is een gerenommeerde Vlaamse schrijver die met zijn kinderboeken veelvuldig in de prijzen viel met onder meer vier Zilveren Griffels en de Boekenleeuw. In 2026 werd hij genomineerd voor de Astrid Lindgren Memorial Award. Zijn werk is te vinden in minstens 20 talen. Jef Aerts brengt in al zijn boeken zwaardere thema's op maat van kinderen, maar houdt ze tegelijk altijd licht. Zijn schrijfstijl is zacht, vaak ontroerend en met een vleugje humor. Bijna al zijn kinderboeken zijn nog steeds in druk, en dat spreekt boekdelen. Op onze smaakmakerslijst vind je 'Roversjong', dat zowel een Zilveren Griffel als de Leesjury won. Daarnaast wil je absoluut zijn leesboeken 'De blauwe vleugels' en 'Vissen smelten niet' (9/10+) gelezen hebben. Ook zijn eerdere prentenboeken zijn parels, zoals 'Groter dan een droom' (over een overleden zusje, 5+ zonder bovengrens) geïllustreerd door Marit Törnqvist.
Geschikt voor K3, L1, L2, L3
Minimumdoelen

Leuk hè, die kleurige kaft met lezende diertjes? En binnenin wordt het nog veel leuker. Kristina Ruell trekt swingend alle registers open om de dierenfabels in dit boek in beeld te vatten. In de fleurige, fantasierijke tekeningen geeft ze veel karakter aan haar personages, met sprekende mimiek en expressieve houdingen vol swung. Het leven spat van de pagina’s af. Hier word je instant vrolijk van!
Ik weet niet of jij een broertje hebt? Misschien een zusje? Of kom je uit een nest met van alles door elkaar? En hoe gaat dat dan tijdens het eten? Kruipen ze ook over je om de eerste te zijn? Gaan ze ook met hun billen op je gezicht liggen? Duwen ze hun poten in je ogen?
Je hoort Vos aan het woord, die in het leuke kaderverhaal je als lezer rechtstreeks aanspreekt. Op zijn zoektocht naar eten luistert hij aan een open raam naar de dierenfabels die een mensenwijfje aan haar welpjes voorleest en hij denkt er het zijne van. Niet enkel zijn deze stukken kaderverhaal erg grappig, de vorm zorgt bovendien voor extra dynamiek en variatie in de vertelling, overtuigend weerspiegeld in de lay-out. De ongekende fabels zijn speels, met heel diverse personages waar Kristina Ruell dankbaar op inspeelt. Van begin tot einde weet dit boek moeiteloos de aandacht van de lezer of luisteraar vast te houden.
Inge Bergh (1974) begon haar schrijfcarrière in 1997 met de jeugdroman 'Vertel het aan niemand'. Bijna 30 jaar later heeft ze een breed oeuvre opgebouwd, met boeken voor verschillende leeftijden, waarvan er ook enkele in meerdere talen werden vertaald. Prentenboeken, liedjesboeken, informatieve boekjes voor jonge lezers, … Ze doet het allemaal. Met haar leesgroeiboeken 'Een beer bij ons' en 'Mijn grappige groeiboek' behaalde ze respectievelijk een tweede en een derde plaats in de Leesjury. Ook de 'Help!'-reeks voor 9+, met onder meer 'Help! Ik was op tv' en 'Help! Mijn oom is een inbreker', vermelden we hier graag. Deze niet te dikke boeken zijn geschreven met veel humor en vlotte dialogen, waardoor veel kinderen ze moeilijk zullen kunnen wegleggen.
Kristina Ruell (1971) werkte al vaker samen met Inge Bergh. Haar vrolijke, humorvolle illustraties passen perfect bij de teksten van Inge Bergh. Samen maakten ze ook een aantal boeken met verhalen achter bekende liedjes, zoals 'Op een grote paddenstoel' en 'Hansje Pansje kevertje'. Ruell experimenteert graag met verschillende technieken en digitale kunst, want “elk verhaal is anders en vraagt om een unieke aanpak”. In haar met een White Raven bekroonde prentenboek 'Amira, de prinses komt thuis' (geschreven door Bart Van Nuffelen) toont ze emotievolle, kleurrijke collages, waarin ontzettend veel te ontdekken valt. In de eerste leesboekjes 'Ik ben aap' en 'Ik ben dino' van Rein Janssen kiest ze dan weer voor zachte potloodtekeningen. Humor is een constante in haar werk. Ook bij zwaardere onderwerpen slaagt Ruell erin om lichtheid te brengen met grappige details.
Geschikt als voorleesboek in K3, L1, L2
Minimumdoelen

Kabouters, gnomen, kobolden of dwergen: in sprookjes en volksverhalen uit alle windstreken vind je kleine wezentjes die de verbeelding prikkelen. De ene keer zijn het ettertjes die je liefst niet tegen het lijf loopt, de andere keer brengen ze voorspoed en geluk voor wie zich vrijgevig of behulpzaam toont.
Kristien Dieltiens hervertelt 20 verhalen uit alle streken van Europa (sommige verhalen zijn ook naar andere continenten gereisd): de meeste vrij ongekend, al kon Sneeuwwitje natuurlijk niet ontbreken en is Hansje-Ransje Kloefpatroon duidelijk verwant aan Repelsteeltje. Moeiteloos brengt Dieltiens je met haar uitermate sfeervolle vertellingen naar andere werelden en laat ze haar bijzondere inwoners helemaal tot leven komen. Alleen de taal al voelt als pure verwennerij, maar de verhalen maken je ook heel nieuwsgierig en verhuizen je regelmatig naar het puntje van je stoel.
Heb je wel eens gehoord over het land van honderd bergen? De bergen zijn er zo hoog dat hun toppen verdwijnen in de mistige wolken en reiken tot aan de zon, de maan en de sterren. Het is er zo koud dat niemand het in zijn hoofd haalt om daar een huis te bouwen. Mocht je daar wonen, je adem zou bevriezen, je neus zou veranderen in een ijspegel en je benen en armen zouden niet meer kunnen bewegen.
En als het om sfeer opbouwen gaat, vinden de verhalen de perfecte vertaling in de fabuleuze sprookjestaferelen van Lauren Pletinckx. Elk klein volkje is weer net een beetje anders in beeld gebracht, en hun leefmilieu krijgt telkens een ander karakter door wissels van het kleurenpallet. En tegelijk blijft er een hele sterke samenhang doorheen de hele betoverende verhalenbundel.
Een prachtig boek om voor te lezen vanaf 5 jaar dat zeker ook oudere liefhebbers van sprookjes kan blijven bekoren tot in de bovenbouw van de lagere school.
Kristien Dieltiens (1954) debuteerde in 1997 en schreef intussen al meer dan 50 kinder- en jeugdboeken. De jongerenroman en Woutertje Pieterse Prijs-winnaar 'Kelderkind', zonder twijfel haar magnum opus, kreeg een plaats op onze Smaakmakerslijst. De laatste jaren legde Dieltiens zich meer toe op jonge kinderen: prentenboeken, verhalenbundels en boeken voor beginnende lezers. Eerder verschenen bij De Eenhoorn ook de sprookjesbundels 'De boze billenbijter', 'Draken en monsters', 'De wolkeneters' en 'Jongenssoep met balletjes'.
Lauren Pletinckx is een jonge, opkomende illustratrice. Met haar detailrijke, sprookjesachtige beelden weet ze meer en meer auteurs en uitgeverijen te overtuigen om met haar samen te werken. Ze leverde eerder al de prachtige illustraties bij de dichtbundel 'Wat een zootje' van Ine De Volder. De cover van dit boek is op zich al een lust voor het oog, met een hele resem dieren die als een stralenkrans rond de titel hangen. Binnenkort zal je haar werk ook kunnen bewonderen in een nieuw boek van Marc De Bel.
Zelf lezen in L3, L4, L5
Kristien Dieltiens schreef nog meer mooie boeken met sprookjes en volksverhalen:
Minimumdoelen
L1-L4
Dit prentenboek voor oudere kinderen is een absoluut feest in taal en beeld. Het 'lees'plezier begint al op het voorste schutblad: het staartje van een roze worm die over de bladzijden heen loopt, op het titelblad overgaat in een groene om zijn kopje onder de grond te vinden op het eerste blad van het verhaal. Met die lekker lange worm gaat het al snel mis: een spade hakt het arme dier in twee. Gelukkig is dat bij een pier niet het einde. Elke helft beleeft zijn eigen avontuur, keer op keer ternauwernood ontsnappend aan de dood. Als je dacht dat zo’n worm een makkelijke prooi is, heb je het mis: deze twee helften weten zich allebei ontzettend goed uit penibele situaties te kletsen!
Ook het verhaal is, net als de worm, ontdubbeld. Op de linkerbladzijde lees je de lotgevallen van de ene worm (die felroos is afgebeeld met bijpassende tekstkleur), op de rechterbladzijde van de andere. Op de lekker woelige en warrige illustraties zie je de twee door dezelfde tuin dwalen, geconfronteerd met dezelfde vijanden, en elkaar telkens net niet treffen. De sfeer en het kleurenspel zien er schitterend uit! Ook in de tekst hebben de twee helften hun eigenheid en een heel andere spreekstijl. De roze worm vertelt heel direct en kernachtig, de groene is een kiene observator die - verrukt over het leven om zich heen - in bloemrijke taal, soms zelfs hoogdravend, zijn omgeving beschrijft. Maar ze hebben ook veel gemeen!
De twee verhalen vol dwarsverbanden zijn pure verwennerij voor kinderen die houden van taal. Niet enkel het uitgesproken verschillend taalgebruik van de twee wormen is een traktatie, ook de vervormde zegswijzen en speelse woordkeuzes laten je glimlachen tijdens het lezen. Eveneens de verstopte fabel van De la Fontaine in het verhaal is een fijn paasei voor belezen kinderen.
Dit boek is een absolute aanrader voor leerkrachten die op zoek zijn naar verhalen met rijke taal: inzetbaar in heel de lagere school, passend bij thema voedselketen of bodemdieren. Of zet het zonder thema op de planning, omdat het gewoon een heerlijk boek is!
Dat Tom Marien (1979) een meester is in het schrijven van prentenboeken voor oudere kinderen weten we al langer. 'De lange weg van Slak' (met Eleni Debo) kreeg al een plaatsje op onze Smaakmakerslijst, en ook 'Het eerste licht' (met Sassafras De Bruyn) en 'Geef wacht' (met Yule Hermans) zijn topboeken. Met 'Meer dan eens' bouwt hij voort op dat elan met zijn typische, licht filosofische insteek en het rijke taalgebruik vol spitsvondigheden. Dit boek onderscheidt zich ook van zijn andere werk, door dit keer te kiezen voor een uitgebreidere vertelling en een iets luchtiger onderwerp, voorzien van de nodige humor.
Geschikt voor L2, L3, L4
Minimumdoelen

De haiku-kunst is al enkele decennia aan een opmars bezig in Vlaanderen en zeker geen onbekende poëzievorm meer. Kinderen krijgen op school wel eens de opdracht om een haiku te schrijven, met enkel het aantal lettergrepen (5-7-5) als instructie, maar bundels met haiku's voor kinderen om inspiratie uit op te doen, die waren er niet. Deze nieuwe bundel is dus een unicum. Gedurfd, maar zeker geslaagd! Bovendien zijn deze haiku’s heel toegankelijk voor kinderen die weinig ervaring hebben met poëzie, én zullen ook meer ervaren poëzielezers er plezier aan beleven. Een heel mooie aanvulling in het poëzieaanbod voor kinderen die absoluut een Lezen met Goesting-label verdient!
Traditionele Japanse haiku’s gaan over de natuur en de seizoenen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat deze bundel is opgebouwd als een kalender met een haiku per dag, al zijn niet alle gedichten duidelijk gelinkt aan de tijd van het jaar en verlaat Geert De Kockere ook vaak het natuurthema. Je kan lekker één haiku per dag lezen, maar wij snappen het helemaal als je liever wat meer wil. Lees er weliswaar niet teveel achter elkaar en neem genoeg tijd om elk gedicht te laten bezinken, dan zijn ze vaak nog leuker. Wil je in je klas doelgericht rond een thema werken, dan kan je achter in een boek een themaregister vinden.
Vanaf de allereerste haiku tovert De Kockere een glimlach op je gezicht. Voor 1 januari lees je:
Nieuwjaar en tante
wenst mij veel goede punten.
Niet eens mooi verpakt.
De Kockere schrijft vaak snedig en met humor, terwijl hij trefzeker herkenbare taferelen schetst met een minimum aan woorden.
Vier tuinkabouters
mogen met hen meespelen:
goeie doelpalen.
Andere gedichten roepen dan weer onverwachte associaties op, of zijn net zacht en hartverwarmend:
Winter, een ekster
warmt zijn pootjes in de trui
van een wollig schaap.
Naast dit gedicht zie je ook die ekster bovenop een schaap zitten, in één van de vele natuurbeelden van Leen Van Durme. Ook zij zet met een minumum aan middelen, enkele vlugge lijnen en een vleugje kleurpotlood, telkens een sterk beeld neer. Die kracht van de eenvoud past ontzettend goed bij de eigenheid van haiku’s en het maakt van het geheel een heel mooie, aantrekkelijke bundel. Iedereen die erin leest krijgt meteen ook zin om zelf met taal te gaan spelen. Een erg leuke dichtbundel die een plaatsje verdient in elke schoolbib! Geschikt voor een brede leeftijdsgroep van ca. 7-12 jaar.
Geert De Kockere is de schrijver van het alom gekende prentenboek 'Eefje Donkerblauw', een klassieker 1992 en nog steeds in druk. Bovenal blinkt hij voor ons uit als dichter. Hij schreef al heel wat dichtbundels voor kinderen bij elkaar en ook in zijn ander werk zit steeds een poëtische ondertoon. De kracht van zijn poëzie schuilt hem in de combinatie van toegankelijke eenvoud, lichtvoetige diepzinnigheid en speelse verwondering. De Kockere jongleert met taal alsof het niets is. Op onze Smaakmakerslijst gaven we de dichtbundel 'In het midden van mezelf woont een elf' (6+) een plaatsje. Wil je zijn poëzie nog verder leren kennen? Lees dan zeker ook de verzamelbundel 'Samen over een muurtje', een prachtig vormgegeven uitgave met zijn leukste gedichten, verzameld naar aanleiding van 25 jaar dichterschap. Eerder schreef hij ook reeds een bundel met 100 haiku's voor jongeren: 'En na de oorlog' met illustraties van Nelleke Verhoeff.
Leen Van Durme (1974) heeft een eigen reeks peuterboekjes over Eend, met telkens een kernachtige titel van één woord, zoals 'Thuis!', 'Honger!' en 'Kindjes!'. In deze boekjes brengt ze de allerkleinsten nieuwe begrippen bij. Met eenvoudige, zwart omlijnde tekeningen, maar toch veel expressie geeft ze Eend vorm. Daarnaast illustreert Van Durme regelmatig ook boeken van andere auteurs, waarbij ze laat zien dat ze met aquarel en potlood zeer gedetailleerde, rijke beelden kan creëren. Denk maar aan de 'Das en Mees'-reeks van Katrien Vandewoude, of 'De geeuw van een leeuw' van Frank Geleyn.
Geschikt voor L2-L6
Met behulp van het register kan je bij een veelheid van thema's passende gedichten vinden.
Minimumdoelen

Lore is nieuwsgierig naar het oude poezenvrouwtje Alie. Waarom laat ze niemand binnen in haar huis? En wat wiegt ze steeds in haar armen? Stap voor stap slaagt Lore erin om dichterbij te komen, in Alies huis en in haar leven. En dan, op een dag, begint Alie een verhaal te vertellen. Een verhaal uit haar eigen kindertijd, toen haar vader in het verzet zat in Nederland en ze vluchtte naar Mortsel. Een verhaal over een bijzondere vriendschap, een verhaal dat ze jarenlang in een ver hoekje van haar geheugen weggestopt heeft. En daar speelt een mysterieuze oude pop een grote rol in. Kan Lore de oude Alie overtuigen om het geheim van haar pop prijs te geven?
Tania Dylgat verweeft in dit boek twee verhaallijnen (heden en verleden), in afwisselende hoofdstukken door elkaar. De link ertussen is niet meteen duidelijk, maar ontdek je gaandeweg. In beide verhaallijnen staat de kracht van vriendschap centraal. Er is in 1942 de vriendschap tussen Alie en Roos, die houvast biedt in een plots onveilige en onvoorspelbare wereld. En nu er is de vriendschap tussen Lore en Alie, waardoor de oude vrouw uit haar rouw en isolement geraakt. Vriendschap wordt in dit boek niet alleen voorgesteld als iets moois, maar ook als iets noodzakelijks: een bron van troost, verbondenheid en verrijking.
Tania Dylgat (1966) schreef eerder al twee fantasieverhalen: 'Abracadel' en 'Een gouden tand voor Winnie Wissel'. Meer dan twintig jaar later gooit ze het met 'De pop van Alie en Roos' over een heel andere boeg en dat doet ze met verve. Met haar warme, invoelende schrijfstijl toont ze dat ze zware onderwerpen (oorlog, verdriet, gemis) zacht en op kindermaat weet over te brengen. De korte hoofdstukken, de eenvoudige maar beeldrijke zinnen en de afwisseling tussen heden en verleden maken het boek heel toegankelijk en niet te zwaar voor jonge lezers.
Miep Embrechts voorzag dit boek van prachtige prenten, gemaakt met een collagetechniek in warme aardetinten. Centrale figuren worden heel mooi, gedetailleerd uitgetekend en aangevuld met gestileerde figuren. In de illustraties zit dezelfde zachtheid en vertelkracht als in het verhaal. Miep Embrechts illustreerde vorig jaar ook het hele mooie gedichten- en liedjesboek 'Morgen is 1 keer slapen' van Katrien De Bruycker en Raf Walschaerts, gemaakt op basis van de gelijknamige theatervoorstelling.
Voorlezen in L3, L4
Minimumdoelen

Reina is anders. Op school is ze 'de weirdo'. Ze schrikt van een boek dat op tafel knalt, hoort de juf niet als die iets vraagt, kan soms niet stoppen met babbelen en wil het liefst onzichtbaar zijn. 's Nachts surft ze weg op een brommerwolk, samen met de mysterieuze Sol, naar Schaduwhaven, een palmrijk eiland waar ze eindelijk zichzelf mag zijn.
Reina leidt in dit boek twee totaal verschillende levens, die visueel ook uiteen getrokken zijn door het toevoegen van een figuratieve kader passend bij de illustraties. Haar echte leven met ADHD, een gemiste mama en een papa en juf die niet altijd weten hoe te helpen, en een wild droomavontuur met een lavakoning, branderlingen en florabellen die regenboogstof gooien. Op het einde voegt Zarissa Windzak nog een onverwacht element toe, dat heel hard binnenkomt.
Dit boek biedt een spiegel voor kinderen met een neurodivers brein en steekt kinderen met ADHD een hart onder de riem met de boodschap: je verbeelding is een superkracht, ook als de volwassenen om je heen zich zorgen maken. Voor kinderen die zich anders voelen, maar ook voor hun klasgenootjes, ouders en leerkrachten om zich beter te kunnen inleven.
Zarissa Windzak (1987) is een gepassioneerde voorvechter van inclusieve kinder- en jeugdliteratuur, zowel via haar platform Cargo Confetti als in haar eigen kinderboeken. In haar verhalen staan maatschappelijke thema's centraal en geeft ze de hoofdrol aan kinderen die buiten de norm vallen, door hun afkomst, huidskleur of beperking. In haar werk daagt Zarissa jonge lezers uit om na te denken over hun plek in de wereld en op te komen voor zichzelf en anderen. Eerder schreef ze de prentenboeken ‘Liever niet’, ‘Adam Activist’ en ‘Queen Nikkolah viert feest’. Met ‘Droomsurfer’ trekt ze die lijn door naar een leesboek voor 9+, bijna gelijktijdig (in april 2026) kwam ook 'Watramama' (10+) uit, een postkoloniaal verhaal geïnspireerd door haar Surinaamse roots.
Geschikt voor L4 (voorlezen), L5, L6
Minimumdoelen
L4
L5-L6

De vormgeving van dit boek is al heel bijzonder. De stofomslag toont één van de indrukwekkende illustraties van Astrid Verplancke, geen titel, geen namen. De titel zit erachter verstopt, al is dat er ook één om u tegen te zeggen. Gewichtig en in gouden letters maakt hij een korte inhoud overbodig: ‘Relaas van de schipbreuk van het handelsschip Mytilida dat verloren ging nadat het de evenaar raakte nabij een onbekende kust op 21 augustus 1685 zoals beschreven door een mossel die de schipbreuk overleefde en aanspoelde in Acadië op 17 januari 1687’. Wat de titel niet vertelt is dat er in het ruim van dat schip een groep tot slaaf gemaakten als ratten in de val zit. En dat verschillen plots miniem worden als het op overleven aankomt.
Een eerste lezing van dit boek is overweldigend. Laat tekst en beeld bezinken, lees opnieuw en opnieuw, en verlies jezelf in de prachtige illustraties die een groot deel van de vertelling op zich nemen. Geleidelijk aan haken de woorden en beelden zich vast als een mossel aan een handelsschip. Het zijn niet alleen de mooie zinnen als “Misschien is waar ideeën beginnen” of de scheepsverhalen die heel gebald verteld worden. Het is vooral ook wat niet gezegd wordt, de halve woorden die hele beelden oproepen. Kleine elementen in de schilderijen die een heel eigen verhaal vertellen. De vragen die niemand stelt, maar die je toch wil beantwoorden.
De krachtige beelden van Astrid Verplancke (1992) zetten sterke emoties naast de eerder beheerste en afgemeten woorden van de mossel. Ze combineert zeetaferelen in ruwe vegen – soms dreigend, dan weer hoopvol – met robuuste figuren en opmerkelijke details, waarin ze ook veel extra betekenis legt. Verbluffend! Ze won met de illustraties in dit boek dan ook de prestigieuze Grand Prix Nami Concours 2026. De jury prees de kracht en expressie waarmee de beelden een verhaal neerzetten, alsook de verschillende technieken die gebruikt worden. ‘It forces us to think about ourselves.’
Dit prentenboek vraagt dat je er de tijd voor neemt. Tijd om alles op je in te laten werken. Tijd om bij dingen stil te staan, dingen anders te zien dan je ze altijd gezien hebt. Tijd om verhalen open te breken en liefst van al ook tijd om er met anderen over te praten. Want als het boek nog iets anders is dan een prachtig prentenboek, dan is het wel een uitnodiging tot gesprek.
Marijn Brouckaert (1985) probeert via zijn schrijven en zijn werk als bibliothecaris mensen te verbinden door middel van boeken. Al tijdens het maken van 'Relaas van de schipbreuk' werkten auteur en illustrator samen met collega’s die met hun eigen expertise het verhaal van (de)kolonisatie en slavenhandel nog krachtiger maakten. Ook na verschijnen toeren spoken word artiesten door het land om met de tekst in dialoog te gaan.
Prentenboeken zijn zeldzaam voor jongeren, en dat is bijzonder jammer. Boeken als dit relaas tonen immers hoe ontzettend krachtig een vertelling kan zijn door woord en beeld te vervlechten. Het boek geeft de lezer ook een grote rol in de interpretatie van de tekst en beelden: het neemt geen hermetisch standpunt in, maar een vertrekpunt voor gesprek en bewustwording dat ons bijzonder waardevol lijkt voor jongeren. Vanaf 13 jaar voor ervaren lezers, vanaf 15 jaar ideaal om ook klassikaal in te zetten en te bespreken. Zonder bovengrens, ook een heel indrukwekkend boek voor volwassenen.
Astrid Verplancke voorzag eerder de illustraties voor 'Waar zijn alle stemmen?' (7+) van Emi Catteeuw, 'Vissenkind' (5+) van Tim Gladdines en 'Onderweg' (10+) van Pepijn Lievens. Haar beelden in aardetinten en blauw in dat laatste boek zijn stuk voor stuk kleine kunstwerken: krachtig en karaktervol, de ene keer grappig en wat absurd, dan weer ontroerend. Marijn Brouckaert debuteerde in 2025 met het wat filosofische, dromerige prentenboek 'Treinen verdwalen niet' (8+) samen met Winny Ang, met illustraties van Eleni Debo.

Transsylvanië, 1874. Na het overlijden van zijn moeder kan Mika’s vader het niet meer aan om in hun mooie huis te blijven wonen. Met paard en kar beginnen ze aan een verre tocht richting zee. Onderweg sluiten ze zich aan bij een familie Rom, waar Mika hecht bevriend geraakt met Vali en de tijd van zijn leven heeft. Maar ook bij de Rom kan zijn vader niet helemaal aarden, en opnieuw trekken ze verder. Rondtrekkende lui worden echter gewantrouwd, en wanneer Mika’s vader wordt opgepakt staat de jongen er helemaal alleen voor.
Toen ik de deur openduwde, knarsten de scharnieren. Ik bleef staan en luisterde. De wind ruiste door de iep, het huis bleef zwart. Het hok stond vol rommel, de vloer was van aarde en er lagen scherven. Csirke scharrelde lusteloos, liet zich naast me neerzakken en gaapte. Ik legde een hand om haar heen. Verdriet drukte tegen mijn ribben, het nam de plek van mijn adem in.
Marleen Nelen schrijft heel observerend en zintuiglijk, maar tegelijk meevoelend. Ze dompelt je helemaal onder in Mika’s ervaringen, gevoelens en twijfels terwijl hij ontheemd ronddoolt, koud en hongerig. Gaat hij zijn geliefden nog ooit terugzien en een nieuwe thuis vinden? Je voelt door en door hoe moeilijk het is om iets op te bouwen als niemand je vertrouwt, zelfs al heb je persoonlijk helemaal niets gedaan om dat wantrouwen te verdienen. Het maakt de keuzes waar Mika voor komt te staan aartsmoeilijk. De vrijheid om te leven in de natuur zoals de Rom voelt paradijselijk in de zomer, maar in de winter is het afzien.
Ten einde raad ging ik tegen een eik zitten. Vlokken vielen op mijn schouders en ik schudde ze niet af. Stilaan raakte ik met sneeuw bedekt. Ik probeerde op de naam van Vali’s zwijgende zusje te komen, maar het was moeilijk nadenken met een sneeuwhoofd. Wat deed ik hier eigenlijk? Hoe was ik hier terechtkomen? Ik vroeg het aan de sneeuw maar ze gaf geen antwoord, ze bleef maar dansen en dat zou ze blijven doen tot ze alle leven onder zich had verstikt.
De vogels is een heel mooi geschreven YA-roman over je eigen pad vinden waarin de auteur invoelend en met diepgang het leven van haar hoofdpersonage op papier zet, ideaal voor lezers die blij worden van mooie taal en sterk uitgewerkte personages en psychologie. Het verhaal speelt zich 150 jaar geleden af, maar je moet niet ver zoeken om te beseffen dat vooroordelen ten opzichte van bevolkingsgroepen ook vandaag nog doorwegen.
Marleen Nelen (1971) schrijft voornamelijk psychologische en historische romans voor jongeren. Op onze Smaakmakerslijst prijkt 'Alles wat licht is', waarmee ze in 2021 de Lavki-prijs won (5-jarige prijs voor beste Vlaamse jeugdboek). Eerder viel ook 'Over zee' in de prijzen. Haar jongerenromans zijn absolute aanraders voor meer ervaren lezers vanaf 13/14 jaar (en veel ouder).

De jury koos als winnaar voor “het boek dat in elke vezel ambacht en kunstenaarschap uitdraagt en kinderen serieus neemt, zonder door de knieën te gaan of over hun hoofden heen te praten. Dit boek keert terug naar de kracht van de mondelinge vertelling, de muziek in de taal, het zingen van woorden en beelden. Bizarre wezens in krullerige kleurpotloodlijnen, weelderige wouden en een sterk neergezet hoofdpersonage bevolken de verhaalwereld, die het midden houdt tussen een droom, een fantasie en een vertaling van een beleving. Op elke pagina zindert het boek van verbeelding, humor en spanning – zo overtuigend dat het elke lezer die weleens de weg kwijt is, weer thuis brengt. Moeyaert bewijst met 'Atman!' zijn meesterschap en voegt er nieuwe taalvormen aan toe, Janssen kleurt het verhaal in met prenten vol verbeelding.”
Bart Moeyaert (1964) is een veel bekroonde Vlaamse schrijver met werk voor kinderen, jongeren en volwassenen, zowel fictie als poëzie. Voor zijn jeugdoeuvre ontving hij in 2019 de Astrid Lindgren Memorial Award, de belangrijkste internationale oeuvreprijs voor jeugdliteratuur. Ook met 'Broere' won hij eerder al eens de Woutertje Pieterse Prijs. Dit 12+ boek kan je vinden op onze Smaakmakerslijst. In 'Atman!' werkte hij voor de eerste keer samen met de Nederlandse illustrator Mark Janssen.
Zelf lezen in L2, L3, L4
Lestips Woutertje Pieterse Prijs
Minimumdoelen

Ook 'De oorsprong der Dingen' van Jacques & Lise werd door de jury als één van de zes mooiste kinderboeken van het afgelopen jaar bestempeld: “In het oogstrelende en filosofische prentenboek De oorsprong der Dingen zetten Jacques & Lise ons denken op zijn kop en dagen ze lezers uit tot een nieuwe kijk op vertrouwde verhalen. Het boek is een doordachte compositie, ondersteund door vorm, kleur en bladspiegel. De oorsprong der Dingen is één van de meest oorspronkelijke inzendingen van dit jaar: een met veel zorg en aandacht vormgegeven, gelaagd prentenboek over het wezen en de natuur der dingen, de kringloop ervan. Een nieuwe Genesis-vertelling voor alle leeftijden die interessante gespreksstof op kan leveren tussen ouders en kinderen, maar waar je ook gewoon uren in kan blijven bladeren en kijken.”
In 'De oorsprong der Dingen' lezen we een bijzondere ontstaansgeschiedenis. Ergens op aarde, onder water, bundelen microplastics zich tot vaste vormen. Er ontstaan Dingen in allerlei gedaanten en kleuren. Wanneer die evolutie zich ook voortzet aan land, ontwikkelt zich langzaamaan een bijzonder beschaafde soort. De Dingen lijken wel onverwoestbaar en onsterfelijk, toch zijn ze niet gelukkig. Ze dromen van iets anders en vinden iets wonderbaarlijks uit: Het Leven. Het Leven is fragiel, eindig en adembenemend mooi. Helaas is het ook onvoorspelbaar en soms een tikje destructief. Dit bijzondere prentenboek is geschreven en getekend door Jacques & Lise, ofwel Jacques Maes & Lise Braekers.
Jacques Maes (1984) en Lise Braekers (1987) zijn zowel professioneel als privé een onafscheidelijk duo. Dit illustratorenkoppel heeft een volstrekt unieke stijl en komt steeds verrassend uit de hoek met hun prentenboeken voor wat oudere kinderen (6+). Elk boek van hen is zowel grafisch als tekstueel een gelaagd kunstwerk op zich. Ze worden dan ook wereldwijd vertaald en vielen internationaal al meermaals in de prijzen. Hun boek 'August' vind je ook terug in onze Smaakmakerslijst.
Geschikt voor L3, L4, L5, L6
Lestips Woutertje Pieterse Prijs
Minimumdoelen
L3-L4
L5-L6

Het oordeel van de jury: “Peer Wittenbols en Shamisa Debroey durven in Konijntjes op het kerkhof letterlijk en figuurlijk buiten de lijntjes te kleuren: in de gedichten en illustraties is niets te vreemd, donker, ongepast of triest. […] Verdriet, verlies en afscheid zijn opvallend aanwezig in ‘Konijntjes op het kerkhof’, maar de kleurrijke, prachtig vormgegeven bundel is veel meer dan een verzameling gedichten over de dood. De teksten vatten de volte van het leven in gevarieerde verzen en gedichten waar klank en rijm ongebreideld hun plek opeisen. Er is net zo goed plaats voor angst – ‘Diep in mijn bed/ daar in mijn bedste dieperik// waar mijn langste angsten wonen’ – als voor hoop, voor filosofische bespiegeling, als voor grappige pointes. Hoewel humor (morbide, absurd, in de taal, in de prenten) in zowat elk gedicht op de loer ligt, benaderen Wittenbols en Debroey de kinderen als medemensen. ‘Vanbuiten lijk ik op een kind’ maar ‘geen mens kent/ de verdrietige meneer/ die nu al woont in mij’. Een rijk boek, dat met de vele invalshoeken en frisse stijl het perspectief van lezers telkens weer een tikje doet kantelen.”
Shamisa Debroey is een Vlaamse illustrator. Op onze Smaakmakerslijst kan je haar ook terugvinden als illustrator van 'Kimia, in het hart van Congo'(10+).
Geschikt voor L3, L4
Lestips Woutertje Pieterse Prijs
Minimumdoelen

Zo begint het. Een hand, een leiband en een goed idee. Als je het de hond vraagt, is het simpel. Als je het de jongen vraagt, is het saai. 'De beste wandeling' ooit brengt hen van de diepe jungle, langs de sterren tot op de bodem van de oceaan.
Wat een vreemd boek, dachten we toen we 'Beste wandeling ooit' voor het eerst opensloegen. Van de donkere, wazige tekeningen kan je in eerste instantie niet veel maken. Maar dan ontdek je de 3D-bril achteraan en gaat er een wondere wereld voor je open. Het voelt bijna magisch hoe de prenten door die bril tot leven komen. Een jongen en zijn hond gaan op wandel langs de meest diverse plaatsen en komen de gekste dingen tegen, zoals een haas en een wasbeer die Jenga spelen, snorkelende muizen en een kat die op een laddertje naar de maan klimt. Om dat allemaal te zien moet je natuurlijk wel kijken. De hond heeft alles gezien, de jongen daarentegen... De tekst op rijm geeft kort en krachtig weer waar het in dit boek om gaat. Kom eens los van dat schermpje en verwonder je over al het bijzondere dat er rond je te zien is. Een mooie boodschap voor kinderen (en ouders), die steeds meer aan een smartphone of tablet vast hangen.
Yarne Daeren kennen we al als de illustratrice van de 'Er was misschien eens'-reeks van Kamiel De Bruyne. 'Beste wandeling ooit' is haar eerste eigen prentenboek. Ze is ook bibliotheekmedewerker en één van de stemmen achter de kinderboekenpodcast 'Larieboek en Apekool'. Beluister daarvan zeker de aflevering 'De Larieboek & Apekool Awards 2025'. Daarin krijg je niet alleen een mooie kinderboekentop 10 voorgeschoteld, maar vertelt Yarne ook over hoe 'Beste wandeling ooit' tot stand kwam, van het eerste idee, over de gebruikte technieken, tot het uiteindelijke resultaat. Heel interessant!

Polly, het paard, vergeet nooit de dag dat Kiki voor het eerst haar armen om haar hals sloeg. Vanaf dat moment zijn ze onafscheidelijk: Kiki fluistert haar geheimen in Polly's oor, ze fantaseren samen, trekken de wijde wereld in en de seizoenen glijden voorbij als filmische landschappen. Tot er iemand anders in het leven van Kiki verschijnt en alles langzaam, onvermijdelijk verandert.
In 'Kiki & ik' kiest Leo Timmers voor een beeldtaal die opvallend afwijkt van zijn eerdere prentenboeken en laat hij bovendien het paard aan het woord. Dat perspectief maakt het verhaal over vriendschap, opgroeien en loslaten intens en ontroerend zonder ooit te verzwaren. Met weinig woorden en beelden die je bijblijven, pentekeningen in zwart-wit wisselen af met adembenemende kleurprenten van luchten, landschappen en seizoenen, schept Timmers iets dat groots en intiem tegelijk is. Dit 72 pagina's tellende prentenboek is er eentje waar je stil van wordt. Dit boek is genomineerd voor de Leesjury 6-8 jaar 2026-2027.
Leo Timmers (1970) is een zeer geliefd prentenboekenmaker bij klein en groot. Zijn boeken voor peuters en kleuters zijn te lezen in 41 talen en veelbekroond in binnen- en buitenland. Met zijn debuut 'Blij met mij' won meteen de Boekenpluim en hij won al negen keer de Leesjury, een absoluut record, met als laatste 'De bril van beer' die je ook op onze Smaakmakerslijst kan terugvinden. 'Aap op straat' en 'Een eiland voor Olifant' werden allebei opgepikt door The New York Times als beste geïllustreerde kinderboek van hun jaar. Met 'Kiki & ik' bewijst hij dat hij zichzelf blijft heruitvinden en zijn lezers blijft verrassen.
Geschikt voor K2-K3
Minimumdoelen

Perzikje wordt geboren uit een vrucht. In de warme handen van een Canadees koppel groeit hij op tot een klein dapper mannetje van elf. Dan komt Wind aanwaaien met het verhaal over Perzikjes moederboom, die aan de andere kant van het grote water staat. Langs de mooiste verhalen en door de spannendste vertellingen reist hij de wereld rond om haar te vinden.
'Wereldreis voor het slapengaan' is een imposant boek, zowel in omvang als in inhoud. Perzikje reist de wereld rond en duikt van het ene avontuur in het andere. De verhalen, hervertellingen van sprookjes en volksverhalen van over de hele wereld, zijn kort en toegankelijk geschreven, ideaal om voor te lezen. Dit doe je wel best aan een tafel, want het boek ligt heel zwaar in de hand. De prachtige, sfeervolle illustraties zijn onmiskenbaar de sterren in dit verhaal. Zowel kinderen als volwassenen zullen met plezier de mooie lijnen, figuren en details verkennen. Met veel zachtheid weet Hermans bij elk verhaal een prachtig kunstwerk te creëren, vaak zelfs twee pagina's groot.
Yule Hermans maakte eerder onder meer al de illustraties voor 'Wil je mij horen?' van Peter Van Dyck, 'Geef wacht!' van Tom Mariën en 'Verliefd op de maan' van Marthe Nelissen.
Voorlezen in K3, L1, L2, L3
Minimumdoelen

In dit luchtige non-fictieboek voor beginnende lezers (AVI E3) ontdek je de leukste en merkwaardigste weetjes over dieren van over de hele wereld. Ontdek de gekste, meest stinkende en grappige weetjes over tien heel uiteenlopende dieren. Wist je bijvoorbeeld dat een panda naar boven plast om zijn liefje te vinden? Of dat de wombat vierkante drollen legt? En wie had gedacht dat de zebra-vis zweet om haar school bij zich te houden? Van de olifant tot de rode mier: op elk continent en bij elke diersoort is er wel een verrassend vies weetje te ontdekken.
In 'Hier hangt een geurtje aan' vertelt Jeroen Franck tien van de stinkendste, grappigste en meest ongelooflijke dierenfeitjes. Telkens kort en bondig uitgelegd, vol humor en precies goed gedoseerd voor wie net leert lezen. De grappige, kleurrijke en speelse illustraties van de Belgische Chloé Casier passen er naadloos bij.
Jeroen Franck (1988) is leerkracht in het lager onderwijs en zijn leerlingen zijn zijn grootste inspiratiebron. Hij debuteerde in 2021 met 'Nestor en het magische zakhorloge', een avontuurlijk jeugdverhaal dat de lezer meeneemt naar Tanzania. In 2022 volgde 'Het meisje dat door niemand werd gezien', een ontroerend boek over omgaan met onderlinge verschillen. Met 'Hier hangt een geurtje aan' waagt hij zich voor het eerst aan non-fictie voor beginnende lezers en dat doet hij met verve!
Geschikt om zelf te lezen L1, L2
Minimumdoelen

Het enige geluid in de keuken is het geluid van opa’s mes op de snijplank. Hij hakt een citroen in partjes. Dan legt hij de sardienen op een groot bord en schikt de partjes op de rand. De stukjes inktvis kruidt hij af met peper en zout. Nog een flinke scheut olijfolie erover en klaar. Normaal zet hij de borden met een plof op tafel zodat iedereen hoort: het eten wordt koud! Maar vanavond doet hij het bijna geruisloos. Vanavond is geen normale avond.
Wanneer Viti’s mama de ring verliest die ze van Viti’s overleden papa cadeau heeft gekregen is ze ontroostbaar. Viti besluit mama een nieuwe ring te geven. Dan is die ook een beetje van papa, want een deel van papa zit nog altijd in Viti. Omdat hij er geen geld voor heeft, wil hij via het oude vuurtorenpad naar het ‘einde van de wereld’ lopen op zoek het eiland met het Strand van de Kristallen te gaan zoeken.
De jongen gaat alleen op pad op zoek om een stukje van zijn vader terug te kunnen geven aan zijn moeder. Maar hij is nooit alleen: telkens andere onbekenden houden hem gezelschap. Iedereen wil de zoon van de verdronken visser graag op weg helpen. En zo wint hij zelf ook stukjes van zijn vader terug: herinneringen die komen bovendrijven en antwoorden op wat er precies met zijn vader is gebeurd.
'Viti en het vuurtorenpad' is het kinderboekendebuut Lore Mutsaers (1992) en meer dan geslaagd. Ze schreef een ontroerend verhaal over verder leven na verlies en het omarmen van herinneringen. Haar beeldende beschrijvingen van details zijn vaak veelzeggend zonder het letterlijk te benoemen. De belangrijke emotionele thema’s schemeren zo door het verhaal zonder er dik bovenop te liggen, erg mooi gedaan. Viti ontdekt onderweg uitzonderlijke plaatsen en ontmoet bijzondere personages die zorgen voor afwisseling en regelmatig ook een grappige noot waardoor het boek op geen enkel moment zwaar wordt. De sfeer van een kleine vissersgemeenschap die sterk verbonden met de zee leeft, is prachtig in beeld gegoten door Charlotte Severeyns (1992): ingetogen en breekbaar, andere keren dreigend bruisend of net weer warm en geborgen. Deze illustrator is ook terug te vinden op onze Smaakmakerslijst met haar wonderlijke wintertaferelen in het prentenboek 'Hendrika, het schaap dat in een boom klom' (5+) van Tine Mortier. Ontdek zeker ook haar betoverende illustraties in 'Het grote heksenboek' (9+) van Kathleen Vereecken.
Dit boek is genomineerd voor de Leesjury 8-10 jaar 2026-2027.
Voorlezen in L3, L4
Zelf lezen in L5, L6
Lestips De Eenhoorn
Minimumdoelen

Bodemwetenschappers Sarah Garré en Heleen Deroo schreven met 'Wondergrond' een heel leuk boek over de onzichtbare wereld onder de grond. Hun enthousiasme over het onderwerp spat van de pagina's af. In heldere taal vertellen ze over diertjes, schimmels, magma, gesteenten en nog veel meer. Het grote formaat maakt dit boek, met rijke, gedetailleerde illustraties van Stefanie Van Hertem, extra aantrekkelijk. De vrij omvangrijke tekst kan overweldigend overkomen, maar is opgesplitst in korte fragmenten, weetjes en doe-opdrachten. Je kan dus ook gewoon bladeren en hier en daar stukjes meepikken.
Voor Heleen Deroo was dit boek haar schrijfdebuut, Sarah Garré schreef eerder ook al 'Het grote waterboek', samen met Marijke Huysmans. Ook voor illustrator Stefanie Van Hertem is dit haar tweede non-fictie kinderboek: op onze Smaakmakerslijst kan je ook 'Wie zit in de gevangenis' terugvinden geschreven voor Charlotte Colman.
Geschikt voor L4, L5, L6
Minimumdoelen
L4
L5-L6

Margots moeder dreigt de garage, de repetitieruimte van haar broer Kobe op te ruimen. De garage die nog ruikt naar zijn aanwezigheid. Dat mag niet gebeuren. En dus besluit Margot iets onmogelijks: ze richt zelf een band op. Klein detail … ze kan geen noot zingen, laat staan spelen. Wat volgt is een bruisend verhaal over een bonte groep tieners die repeteren, ruziemaken en langzaam iets bijzonders worden: vrienden. Arthur aan de gitaar, Daria aan de piano, Lana achter het drumstel, Bas en Zadie … ze zijn er allemaal met hun eigenheid en hun eigen problemen.
Muziek houdt hen samen als ze dreigen uit elkaar te vallen en geeft hen een doel: meedoen aan een muziekwedstrijd. Ondertussen stuurt Margot spraakberichten naar haar broer Kobe. Over de repetities, de ruzies, de zangles bij zijn ex-bandlid. Over alles wat ze hem nog wil vertellen. Wat volgt is een verhaal over vriendschap, geheimen en het leren omgaan met verlies en dat met muziek als rode draad. Een boek dat raakt!
Eline Strik (1983) studeerde journalistiek en werkte bij Het Nieuwsblad, maar het zijn haar jaren bij het Kinderrechtencommissariaat die haar als schrijfster hebben gevormd. Daar luisterde ze dagelijks naar de verhalen van kinderen en jongeren en die stemmen klinken door in dit debuut: eerlijk, warm en zonder een zweem van neerbuigendheid. Strik schrijft vlot en met gevoel voor tempo - het boek leest als een sneltrein - maar raakt je op de momenten dat het moet. Een veelbelovende eerste stem in de Vlaamse jeugdliteratuur.
Een leuke extra: op de website van de auteur vind je een playlist bij het boek en een quiz. Ideaal voor wie na het laatste hoofdstuk nog even wil nasmullen of voor wie de beleving in de klas wil verlengen.
Geschikt voor L5, L6
Minimumdoelen

Migratie loopt als een rode draad door onze wereldgeschiedenis. In dit boek gaan illustrator Aimée de Jongh en historica Tina De Gendt op zoek naar de manier waarop migraties van vroeger hun en jouw leven bepaald hebben.
Migratie is overal: in alles wat we eten, in de taal die we spreken en in de boeken die we lezen. Ontdek in dit boek waar en wanneer enkele van de belangrijkste migraties uit de geschiedenis plaatsvonden en hoe migranten dit zelf beleefden. Een boek om in te kijken, in te lezen en over te spreken.
Historica Tina De Gendt (1982) en de Nederlandse illustratrice Aimée de Jongh bieden ons met dit boek een verrassend perspectief op migratie. Ze verduidelijken dat migratie er altijd is geweest en er altijd zal zijn, kortom dat het heel normaal, menselijk en niet bedreigend is dat de wereld steeds in beweging is. Meer zelfs: migraties hebben ons gevormd tot wie we nu zijn. Onze wereld, in al haar verscheidenheid, is gevormd door mensen die zich verplaatsen en elkaar ontmoeten. 'Onderweg' is in woord en beeld een magistrale tijdreis. Het is een bijzondere kijk op de geschiedenis en tegelijk een uitnodiging om na te denken over de actualiteit. Migratie is een thema dat voortdurend aanwezig is in het maatschappelijke debat. Tina De Gendt legt de focus weer waar die hoort: bij de mensen. 'Onderweg' nodigt op een zachte, maar overtuigende manier uit tot meer begrip.
'Onderweg' is het eerste jeugdboek van Tina De Gendt. Eerder schreef ze al enkele non-fictieboeken voor volwassenen.
Geschikt voor L5, L6
Minimumdoelen

Riema is een moderne Robin Hood. Alleen steelt ze wel van de rijken, maar geeft ze niet echt aan de armen. Dankzij haar uitstekende gehoor kan ze elke kluis kraken. Tot een vreemde man haar wil inhuren voor een klus. Wanneer ze weigert, dreigt hij haar broer te vermoorden. Riema schrikt: ze heeft helemaal geen broer. Maar wat als de man de waarheid spreekt? Wat als die jongen echt haar broer is? Riema besluit toch maar mee te werken.
In 'Broertje dood' combineert Jonas Boets spannende actie met emotionele diepgang. Het boek is laagdrempelig en vlot geschreven, en dankzij de korte vooruitblikken ideaal voor jongeren met minder leeservaring.
Scenarist en schrijver Jonas Boets (1981) is een productieve en veelzijdige en jeugdauteur. Al meer dan twintig jaar verwent hij kleuters tot jongeren met een mix van spanning en humor. Hij brak door met de 'Sam Smith'-reeks (11+), negen delen over een leerling in een geheime spionnenschool, waarvan 'Sam Smith en de Dragons' de eerste prijs won bij de Kinder- en Jeugdjury Vlaanderen in 2010. Voor iets jongere lezers (9+) volgde daarna de reeks 'Little Liars Club' (met illustraties van Eric Bouwens). Voor kleuters (3+) maakte hij de erg leuke, interactieve reeks 'Ik help...' (met illustrator Annelies Vandenbosch). Verder is Boets als jeugdschrijver voornamelijk gekend als schrijver van thrillers en andere spannende verhalen voor YA zoals 'Vermoord het verleden'. Met 'Broertje dood' start hij een gloednieuwe YA-reeks 'Geheimen van een dief', waarvan we hopen dat er nog heel wat delen volgen!

Net als in zijn vorige bejubelde en gelauwerde historische jongerenromans 'Jonkvrouw' (zie Smaakmakerslijst), 'Galgenmeid', 'IJzerkop' en 'Onheilsdochter', is 'Properzia' van de eerste tot de laatste bladzijde puur leesgenot. Jean-Claude van Rijckeghem is een rasverteller wiens personages van vlees en bloed helemaal tot leven komen, zowel de eigenzinnige, vastberaden jonge vrouwen in de hoofdrol als de nevenpersonages. In zijn oeuvre staan steeds vrouwen op de voorgrond omdat zij als underdog een interessanter verhaal opleveren: vrouwen die zich verzetten tegen de maatschappelijke conventies en beperkingen die ze krijgen opgelegd. Zo ook Properzia.
‘La Properzia’ was één van de belangrijkste Italiaanse beeldhouwers van de Renaissance, een tijd waarin een vrouw als kunstenaar ondenkbaar was en al helemaal als beeldhouwer. Veel te zwakke polsen. Maar Properzia was een keikop die weigerde haar leven te laten bepalen door haar vader, een echtgenoot of om het even welke man aan de macht. Het leven in het vrouwonvriendelijke 16de eeuwse Italië was snoeihard voor wie niet volgzaam was. Toch bevocht ze met gevaar voor eigen leven haar toekomst. Ze zou haar droom waarmaken en de geschiedenisboeken ingaan als belangrijke beeldhouwer, maar de persoonlijke offers die ze daarvoor moest brengen waren enorm.
Zoals in zijn debuutroman 'Jonkvrouw' schreef Jean-Claude van Rijckeghem een verhaal over een bestaande historische figuur. Over Properzia haar persoonlijke leven is echter weinig geweten, waardoor hij de vrijheid kon nemen zelf een boeiend verhaal op te bouwen waarin feit en fictie zich mengen. Je voelt doorheen het boek dat de schrijver zich uitgebreid heeft ingelezen over het Italië van de vroege 16de eeuw, meer bepaald over Bologna en de kunstenaars die er werkten. Doorheen het verhaal maak je kennis met stadstaten die voortdurend met elkaar in oorlog zijn, waar huursoldaten de plak zwaaien, en ook de Paus manu militari zijn macht wil bevestigen. Ook kunst wordt ingezet als vorm van machtsvertoon. Het levert een sterk neergezet tijdsbeeld op, helemaal verweven in het verhaal zodat je nergens het gevoel krijgt in een geschiedenisles te zijn beland, met toch ook weer met een kleine link naar Vlaanderen.
'Properzia' is een krachtig coming-of-age portret van een bijzondere vrouw, een spannend verhaal én een sterk tijdsbeeld, sappig verteld vol humor en girlpower. Alles wat je maar kan wensen voor een geweldige historische YA die je zo snel mogelijk wil uitlezen.